You are hereBlogs / Jos De Meyer's blog / Volgende week vertelt KMI of droogte uitzonderlijk is

Volgende week vertelt KMI of droogte uitzonderlijk is


By Jos De Meyer - Posted on 22 June 2017

tuinbouw (beeld loonwerk Defour).jpg

De landbouwers die lijden onder de droogte moeten uitkijken naar volgende week. Niet alleen vergroot de kans op neerslag vanaf dinsdag, het KMI komt ook met een rapport dat duidelijk moet maken of er een erkenning als landbouwramp in zit. In het Vlaams Parlement werd gepolst hoever het staat met een meer structurele oplossing in de vorm van een brede weersverzekering. In mei vorig jaar schreef VILT reeds over de plannen van de Vlaamse overheid om de verzekeringspremie te subsidiëren in plaats van via een noodfonds de weersextremen te helpen opvangen op landbouwbedrijven. Minister Joke Schauvliege geeft aan dat er ongewijzigd weinig animo is bij verzekeraars, maar zegt er bij dat zij doorzet. Buitenlandse verzekeraars zouden wél een markt zien in Vlaanderen.

Grote neerslaghoeveelheden zijn er niet meteen in het vooruitzicht, maar vanaf volgende week zouden depressies die zich in de omgeving van de Britse eilanden bevinden ons land kunnen aandoen. Het KMI voorziet dat ons weer tijdens de laatste week van juni en begin juli bepaald wordt door vrij zachte oceaanlucht met wolkenvelden, en soms neerslag. Ook de temperatuur zou voor mens, dier en plant draaglijker worden met maxima rond 20 graden in het centrum van het land.
In de loop van volgende week levert het KMI een rapport af waarin het zal concluderen of de huidige droogteperiode al dan niet uitzonderlijk is. Daarvoor mag het weersfenomeen maar eens in de 20 jaar voorkomen. "Daarna is het aan de lokale besturen", zei landbouwminister Joke Schauvliege in het parlement na vragen van Jos De Meyer (CD&V) en Jelle Engelbosch (N-VA). "Zij moeten de schade op hun grondgebied ramen zodat we kunnen nagaan of de totale schade meer dan 1,24 miljoen euro bedraagt. In dat geval komt het in aanmerking voor een erkenning als landbouwramp."
Dat schadebedrag wordt, gezien de omvang van de droogte, wellicht geen moeilijk te halen drempel. Volgt de bevestiging daarvan en beslist de Vlaamse regering tot een erkenning als landbouwramp, dan hebben boeren en tuinders drie maanden de tijd om hun schade te bewijzen. Na twee vaststellingen van het oorzakelijk verband tussen teeltschade en droogte door de gemeentelijke schadecommissies is het dossier voor het Landbouwrampenfonds compleet. Een nadeel van een noodfonds is dat de vergoeding geplafonneerd is. Niet de reële schade wordt vergoed maar slechts 80 procent daarvan en bij minder dan 30 procent schade komt de overheid niet tussen.
Een meer structurele oplossing zou een verzekering tegen extreme weersfenomenen zijn, gaf de minister woensdag aan. Zij blijft daarin geloven en werkt daarom aan een subsidie waarmee landbouwers een deel van de verzekeringspremie kunnen recupereren. Overleg met sectorfederatie Assuralia leerde haar echter dat er weinig animo is bij de verzekeraars. Dat bleek ook uit het gesprek dat VILT ruim een jaar geleden voerde met KBC Verzekeringen naar aanleiding van de plannen van de Vlaamse overheid.
Volgens verzekeraars is de Vlaamse markt te klein om winstgevend te zijn en in tegenstelling tot Vlaanderen wil de Waalse overheid niet van een weersverzekering weten. Bovendien zijn de polissen complex, vergt het vaststellen van de schade dure expertise en zijn de beheerkosten van een weersverzekering bijgevolg groot. Ook dient een verzekeraar een (duur) herverzekeringscontract aan te gaan omdat het aantal slachtoffers van een weersfenomeen veel hoger ligt dan bij een brand bijvoorbeeld. De omvang van de schade kan een verzekeringsfirma met andere woorden boven het hoofd groeien.
"Niets belet landbouwers echter om zich bij een buitenlandse verzekeraar aan te sluiten", aldus Schauvliege. Zij heeft weet van twee verzekeraars die concreet interesse tonen om hun dienstverlening uit te breiden naar Vlaanderen. Op de Nederlandse markt zijn vandaag verzekeraars actief die een weersverzekering aanbieden, maar een onverdeeld succesverhaal is dat niet. “Het is niet omdat er een weersverzekering is dat landbouwers er ook gebruik van maken. Tien jaar na de invoering van de brede weersverzekering in Nederland is slechts 78.000 hectare ofwel vier procent van het totale areaal verzekerd.”
Bron: Belga / eigen verslaggeving ; Beeld: Loonwerk Defour (Vilt)