You are hereBlogs / Jos De Meyer's blog / Secundair onderwijs 3,6 keer ruimer omkaderd dan basisonderwijs

Secundair onderwijs 3,6 keer ruimer omkaderd dan basisonderwijs


By Jos De Meyer - Posted on 06 February 2018

Per leerling werkt in het voltijds secundair onderwijs 3.6 keer zo veel ondersteunend personeel dan het basisonderwijs. Dat bleek uit de cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Jos De Meyer opvroeg bij minister Crevits van Onderwijs.
Voor elke 283 leerlingen telt het Vlaamse basisonderwijs één voltijdse administratief medewerker als steun voor de directie en de schoolorganisatie. Het verschil met het secundair onderwijs is frappant: daar kan een school naast administratieve medewerkers ook opvoeders aanstellen, en samengerekend is er van die twee ambten samen al één voltijdsequivalent per 80 leerlingen. Dat komt neer op een verhouding van 3,6.
Om naast hun leerkrachten ook ondersteunend personeel (bv secretariaatsmedewerkers) aan te stellen krijgen scholen een puntenenveloppe toegekend. Een personeelslid zonder diploma hoger onderwijs “kost” 63 punten per fulltime-equivalent, een bachelor 82 en iemand met een masterdiploma 120. Men kan vrij kiezen om ofwel meer personeelsleden aan te stellen met een lager diploma of minder personeelsleden met een hoger diploma.
In het basisonderwijs wordt 77,5 % van de ondersteunende ambten bemand door personeelsleden zonder diploma hoger onderwijs en 20% door personeelsleden met een bachelordiploma. In het secundair onderwijs is de verhouding omgekeerd: daar wordt 37% van de ondersteunende ambten ingevuld door personeel zonder diploma hoger onderwijs en 61 % door bachelors. In het ondersteunend personeel werken slechts een beperkt aantal masters. In het basisonderwijs nemen die 3% van het aantal voltijdse ambten voor hun rekening, in het secundair onderwijs slechts 1,6%.
Basisscholen kiezen voor hun administratieve medewerkers vaker voor minder hoog opgeleiden. Zo gaan ze zuiniger om met hun puntenenveloppe, merkt De Meyer op. Als je niet het aantal medewerkers, maar het aantal punten telt, dan is het basisonderwijs nog 3,84 keer krapper omkaderd per leerling dan het secundair onderwijs.
“Het is duidelijk dat het secundair onderwijs een behoorlijke omkadering heeft, terwijl het basisonderwijs te weinig omkadering heeft. Dit is natuurlijk historisch gegroeid, maar we moeten toch de vraag durven stellen of dit voor het basisonderwijs nog langer verantwoord is,” concludeert Jos De Meyer. “Ik verwacht in het legislatuuroverschrijdend actieplan voor het basisonderwijs een duidelijke bijsturing!
En misschien moeten de koepels en de vakbonden ook eens nadenken over de vraag of deze verdeling van ondersteunend personeel nog billijk is.”

Tags